Woensdag 20 maart was het dan zover: mijn vriendin kwam me opzoeken hier in het hoge Noorden. Officieel omdat ze me miste, maar stiekem natuurlijk om even dat rare land te bekijken waar ik nou zo nodig heen moest. Wat zou nou de magie zijn die Floris hierheen gelokt heeft. Is het de kou? Is het de sneeuw en het ijs? De cultuur? Het eten? De Vodka? De sauna? Zijn het de Esten, of erger nog, de Estse vrouwen?

’s Ochtends vroeg vertrok ze uit Eindhoven. Voordat ze opsteeg stuurde ik haar nog een berichtje met instructies voor Riga, waar ze de trein en bus naar Tartu kon vinden. Ik kon haar namelijk niet ophalen, want ik had die dag nog college tot half zes, terwijl Antine die dag al om een uur of elf in Riga zou landen. Helaas kwam het berichtje niet meer aan. Met een hoop stressen en handen en voetenwerk haalde ze op de minuut precies de trein naar Valga. Op naar Estland, op naar Tartu.

 IMAG0429

Een erg boeiende reis was het niet, vond ze. Het landschap bestond vooral uit erg veel besneeuwde bossen. “Regelmatig stopte de trein ineens”, vertelt ze later tegen de Nederlanders hier in Tartu. “Midden in het veld, aan de bosrand. Ik kijk om me heen en zie niets. De trein fluit en trekt langzaam weer op, en dan pas valt me ineens op dat er een paar mensen achter een gebouwtje in het bos verdwijnen. Nergens een dorp te zien.” In Tartu kreeg ik tijdens de les regelmatig een smsje met: “Is Tartu ook zo’n gat?” En: “geen idee waar ik nu ben. Hoe laat hoor ik aan te komen, kan je even smsen als je de trein ziet?” Uiteindelijk kwam ze toch veilig en keurig op tijd op het station van Tartu aan. Koud, vermoeid en hongerig. “Ik had geen tijd meer om wat eten te kopen in Riga, dus ik heb een aantal van de stroopwafels opgegeten die ik voor je mee had gebracht”, bekende ze.

Prima uitbrakmiddel: langlaufen en snowtuben

Zo begon een mooie week. De eerste nacht bracht ik Antine onder in het Tervisekshostel aan het Raekoje plats, de rest van de week leefde ze tussen de internationale studenten in Raatuse 22, op een matras op de vloer. Woensdag ging ze mee naar de les Ests en ging ze ’s avonds mee stappen, donderdag gingen we langlaufen in Estlands “skicapital” Õtepää. Bijna anderhalf uur met de lokale bus door de kou. Voor zeven euro per persoon huurden we langlaufskis, waarmee we lekker door de snijdende wind en de felle zon het bier van gisteravond er uit zweetten. Tijdens onze langlauftocht kwamen we nog een snowtubingbaan tegen, waar we voor een tientje een half uur vanaf mochten. Met een rotvaart in een donutvormige band de helling af. Grote lol, want het was uitgestorven: we hadden de hele baan voor ons zelf. De eigenaar doodde de tijd door wat te oefenen op zijn snowboard.

Aan het eind van de dag gingen we met een nog tragere lokale bus terug naar Tartu. Af en toe bleef het ding tien minuten bij een bushalte staan wachten. Ach ja, ook dat is Estland. Donderdag avond keken we nog even de wedstrijd Nederland – Estland, die niet helemaal onverwacht werd gewonnen door Nederland. 2-0. “Tja, als je Estland wil zien winnen, moet je naar de wedstrijd Estland-Andorra”, aldus een Est.

This slideshow requires JavaScript.

Op vrijdag gingen we naar Tallinn.