25 juli. Om vier uur werd ik wakker en besloot ik eens op te zoeken wat de symptomen van een zonnesteek eigenlijk zijn. Koorts: check. Koppijn: check. Misselijkheid: check. Slecht slapen: check. Rillingen: check. Duizeligheid: check. Bloeddoorlopen ogen: check. Ik belde mijn reisverzekering, die adviseerde een ziekenhuis op te zoeken. De receptioniste van het hostel schreef mijn klacht in het Armeens op en regelde een taxi naar het ziekenhuis.

IMG_3027.JPG

In het Nairi Medical Center aangekomen werd ik zonder al te veel woorden een kamertje ingestuurd, op een bank geplaatst en kreeg ik een thermometer onder mijn oksel. Het briefje deed zijn wonderen, waarna er wat Armeens tussen de verpleegsters werd gewisseld en ik iemand een infuus uit de voorraadkast zag pakken. Ai. Ze vroegen mij om mijn paspoort en mijn verzekering, en wilden een betalingsgarantie van mijn verzekering krijgen. Wéér een duur telefoontje naar Nederland dus.

Er werd wat bloed afgenomen, en het infuus werd onder vriendelijk glimlachen in mijn arm geprikt. “Yesterday, your birthday?”, merkte de verpleegster op. “Happy birthday, minja ‘birthdai’ tozje!”, klonk het vrolijk.

Daarna werd ik naar de radiologie-afdeling begeleid. Met mijn infuuszakje in mijn hand volgde ik de verpleegster door het opvallend schone ziekenhuis, waarna ik wederom gefeliciteerd werd met mijn afgelopen verjaardag en daarna bits voor het röntgenapparaat gedirigeerd werd. Waarom werd mij niet verteld, netzoals ik geen idee had wat er eigenlijk in dat infuus zat dat ik vasthield.dsc_0027

Terug op de Emergencies-afdeling kreeg ik een tweetal injecties en een nieuw infuus. Onder een dekentje lag ik te wachten tot het infuus uitgedruppeld was, waarna ik rond tien uur ‘s avonds onder een vriendelijk “do zvidanie and good health” weer naar buiten werd gestuurd. Zonder diagnose, zonder duidelijkheid over wat er nou precies in mijn lichaam was gespoten. Ik nam een taxi naar het hostel en viel in een diepe slaap.